Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 153 )
gezelschap met den gemeenschappelijken maal-
tijd in de verlegenheid kwame van op eenen
enkelen te moeten wachten. Komt iemand
in het gezelschap, wanneer wij er reeds
zyn, dan is het beleefd op te staan, vooral
wanneer de overige aanwezenden zulks doen.
Indien eenigen van het gezelschap in een'
bijzonder gesprek begrepen zijn, waaraan de
anderen geen deel nemen, zoude het onbe-
tamelijk zijn, zich bij deze sprekenden te
voegen en aan te dringen. In de meeste
gevallen mag men zich, zonder overtredmg
der welvoegelijkheid, niet langer ophouden,
dan de overige gasten. Dat jongere perso-
nen zich niet veroorloven zullen het teeken
tot het opbreken van het gansche gezelschap
te geven, behoeft wel geene herinnering;
doch kan de welvoegelijkheid het hun niet
tot pligt maken, dat zij deswege dringende
bezigheden zouden verzuimen.
I
G 5 S. 5«.