Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 7 )
beschaafde lieden overeenkomt, wordt ge-
zegd smaak te hebben. Door de taiïlooz«
schoone Voorwerpen in de natuur, werd ze-
ker, reeds bij de vroegere bewooners der
aarde, het schoonheidsgevoel opgewekt en
gevoed. Een langer tijd, echter, verlitp erj
eer men in staat was, om juist« grondbegin-
selen voor het schoone te bepalen- Doch,
bevorens men deze grondbeginselen te onder-
scheiden wist, had het schoonheidsgevoel
reeds invloed op onderscheidene werken, die
door menschen vervaardigd werden. Aan
het, bij vervolg van tijd, meer en meer ont-
wikkeld en beschaafd schoonheidsgevoel heb-
ben de schoone kunsten hunnen oorsprong
te danken (♦).
Zoodra het schoonheidsgevoel bg de men-
schcn opgewekt was, beproefden zij ook
zoodanige voorwerpen, als hun behaagden^
in eene naauwere betrekking tot zicH zelve
A4 te
(♦) In die wctenscliap, welke de geleerden aesthiüc^
noemen, worden de grondbeginselen van het schoone
opgespoord, en, met eene nadere betrukiiiiig en toepasi
siug op de zoogenoemde schoone kunsten, oniwikkeW.