Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 97 )
bekli die somwijlen den schijn vafl neus-
wijsheid aanwijst, wordt betweterij, en die
ernstigheid, welke alle opgeruimdheid ver-
dryft, is norschheid. Beide overdrijvingen
der ernstigheid passen den jeugdigen ouder-
dom niet; zeer wel, echter, een, met jeug-
dige opgeruimdheid gepaarde ernst, inzonder-
heid bij ernstige bezigUeden. Een phgtige
ernst vordert de welvoegelijkheid van de jeugd
ook enkel bij plegtige gelegenheden, bij
voorb. in godsdienstige bijeenkomsten. . Wie
deze ernst zelfs daar, waar gebruiken voor-
komen, die yan de zijne afwijken, niet
nieent te moeten in acht nemen, behoorde
in zoodanige bijeenkomst niet te verschijnen.
Het wordt bij een weinig nadenken klaar,
dat eene opgeruimde gestemdheid des ge-
moeds, die door emstigheid derwijze geteui-
peid wordt, dat zij de grenzen van geoor-
loofde vrolijkheid niet overschrijde, on^e-
^gcn veel er. toe moet bijdragen, om den
gezclligen omgang aangenaam te maken.
En dat dit geschiede, behoort tot de verj-
schen der welvoegelijkheid.
E 4)