Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
l 2 )
vatten den hoogeren en edeleren wensch, dat
deze eenmaal eenen nuttigen werkkring vin-
den , eu, als verstandige en waardige mede-
leden der huisselijke en burgerlijke maat-
schappij, hunne taak zoo goed mogelijk ver-
vullen mogen. Zal echter dit schoone doel
taerèifct worden, zoo is het verkrijgen van
nuttige kundigheden en bekvvaamheden, be-
nevens eenen zekeren trap van geestbescba-
tïing, noodzakelijk. Zonder kundigheden en
bekwaamheid is het niet mogelijk, de geza-
irrenltjke piigten van her huisselijk en bur-
gerlijk beroep, in derzelver ganschen omvang,
te- vervHllen. Die met eenen beschaafden
geest tevens een veredeld hart, eene steeds
ijverige zucht voor al, wat goed is, en een
vroom kinderlijk gemoed in zich vereenigt;
(teze alleen is in staat, om eene plaats on-
der die waardige medeleden der maatschappij
té bekleeden en te handhaven, zich de ach-
ting van- afiidépc goede -menschen waardig te
Braken','en öldiis, na^ir'deh wénsch van ede-
le ouders ,' ïgadd- döor de wereH te komen. '
Mert'-heeft -t.ie\i daarom niet te verwon-
de-