Boekgegevens
Titel: Onderzoek naar de beste middelen ter vorming en bevestiging van het oorspronkelijk Nederlandsche karakter
Serie: Verhandelingen, uitgegeeven door de Nederlandsche Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen, 18, 3
Auteur: Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: Corn. de Vries ; Hends van Munster en Zoon ; Johannes van der Hey, 1820
Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen
Opmerking: Bevat: Beantwoording der prijsvraag: Welke zijn de meest doelmatige middelen, van dewelke men zich in het onderwijs en de opvoeding van het opkomende geslacht bedienen kan, ter vorming en bevestiging van het oorspronkelijke Nederlandsche karakter ... / door Abraham Johannes Lastdrager
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Z 434 : 18 : 3
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205899
Onderwerp: Sociologie: cultuur: algemeen (sociologie)
Trefwoord: Nederlanders, Volkskarakter, Prijsvragen, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Onderzoek naar de beste middelen ter vorming en bevestiging van het oorspronkelijk Nederlandsche karakter
Vorige scan Volgende scanScanned page
^ a7
dat meisje, in lateren leeftijd, fmaak voor ftille
huisfelijkheid, zuinigheid en zedigheid in kleeding
kunnen hebben; of zal zij eene onoverwinnelijke
overhelling tot modezucht, tot verftrooijing, tot
conquëtes voeden? En indien dit alles het huisfe-
lijk geluk ondermijnt, de rust van den man, door
opeenftapeling van behoeften, verlloort, de laatfte
overblijffelen van de goede karaktertrekken der ^al-
oude Nederlandfche vrouwen vernielt, wat heeft
dan derzelver graf gedolven? Wat anders, dan de
lust der ouders, om de opvoeding der dochters
naar vreemde leest te fchoeijen ?
Men denke niet, dat wij uiterlijke bevalligheid
afkeuren, het tegendeel is waar: de Natuur tooide
alles in een behagelijk gewaad, en deed oneindig
veel tot verlustiging van het menfchelijk oog; doch
alles kan overdreven worden. Dan vervalt de even-
redigheid, en, jammer, wanneer het -inwendige,
het degelijke, dat alleen gelukkig maakt en achting-
waardig doet zijn, aan het uitwendige wordt op-
geofferd ! (♦)
Dit nu is thans, bedriegen wij ons niet, in de
middel- en hoogere ftanden het geval. Dit is de
invretende kanker, die diep is doorgedrongen, en
zijne zaden verre heeft verfpreid, dïe onze eigen-
dommelijkheid heeft ondermijnd of reeds doen in-
ftorten.
Zou een herbouw mogelijk zijn?
Zij fchijnt ons ten uiterfte zwaar toe. Zoo
weinig hoop voedden wij op eenen goeden uit-
flag, dat wij lang twijfelden, of het der moeite
waardig ware, deze Verhandeling, als eene poging
daartoe, zamen te ftellen. Dan, ziende, dat d"e
Maatfchappij eene gunfcige werking op de jeugd
niet hopeloos acht; het oog flaande op het goe-
de
(*) Zie stijl, t. a. pl. bladz. 386 en 387, en En-
gelberts, t. a. pl. bladz. 6—8 en 88—98; en dit
is /inds den tijd dier Schrijvers zeker niet verbeterd.