Boekgegevens
Titel: Volapük, dat is de wereldtaal: spraakkunst
Auteur: Schleyer, Johann Martin; Bruin, Servaas de
Uitgave: 's-Gravenhage: IJkema, 1884
Arnhem: G.J. Thieme
Opmerking: Vert. van: Volapük. - 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 533 H 31
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205876
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: kunstmatige wereldtalen
Trefwoord: Volapük, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Volapük, dat is de wereldtaal: spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
82
(lelijk wordt overgezet in Volapiik, zal zeer zeker ook de Volapük-
beoetenende rranseliman die gemakkelijk kunnen verstaan, even-
goed als alle verstandige mensehen op geheel den aardbol.
I§ 223.] De gebruikelijkste Vocgwoorilcil.
{Konyum gahlikiin.)
ah , maar , doch ; as , als , gelijk ; « . . . d (voor vocalen :
ad .. . ad) , zoowel . . . alsook ; ds , als , zooals ; hi , dewijl , om-
dat , daar ; hüfo , voordat, voor ; das , dat \ dat, opdat; dtnó,
toch; do, hoewel, alhoewel, ofschoon; du, terwijl; dü, terwijl;
e (voor eene vocaal : ed), en ; falo , ingeval ; ga , toch ! ; i (vóór
eene vocaal id), ook; ïho (vragend: zVyö ?) , dan; //', indien:
ifi, al (al is het dat); jüs , totdat, tot; Ica, (na den comparatief:)
dan; kelüp, wanneer, op welk tijdstip; kö, waar; kü , wanneer,
op welk tijdstip; na (voor eene vocaal nag), nadat; 7ii . . . ni,
noch . .. noch ; noc ... sol, niet slechts ... moar ook ; sis ,
sedert; sod, maar, doch (als er ontkenning voorafgaat); tos, in
weerwil daarvan; u (voor eene vocaal: ud), of; ii (voor eene
vocaal: üd), of; uf . ,. ud, of ... of, hetzij .. . hetzij ; ven ,
daar, aangezien ; ye (voor eene vocaal: yed), echter.
;§ 224.] De gebruikelijkste Tll!§i$»ellCUwerpi^els.
(Linieleks gehlikün),
1) ady'ó, adieu!, vaarwel!; ag, ach!; hafö,hri\yo\'^ , zacht!;
eko, hier!, ziehier!; ekó, zie!, ziedaar!;//, foei!; ga, toch!;
gololöz (zie mö); isö, hier!, ziehier!; IddguVó, adieu!, vaar-
wel !; Ufo {Itfomöd), leve !; löpö , naar boven !; lü , hei!,
hoor eens ! ; maj {majö), marsch ! ; milö , verduiveld!; mö
{mofö), weg !, ga weg !, maak n weg !, voort!; o , o !; Ö ,
ei!; pUdö {sö), stil! , suut !; spidö , gauw !; stopö , halt!;
smö , op !, toe !; takedö , stilte ! , stil!; vu, hu!; yi (zie mö);
yo , helder op ! ; yu , help !
2) Tussehenwerpsels met lijdende vormen zijn b.v.: ^^atakedi?,
stilte ! , stil ! ; ^^«seil^ , gezwegen !; paiXoAö , getroost! (Doch
in plaats daarvan zegt men ook, eenvoudiger: takedÖ\, seilö\,
tlodö !)