Boekgegevens
Titel: Volapük, dat is de wereldtaal: spraakkunst
Auteur: Schleyer, Johann Martin; Bruin, Servaas de
Uitgave: 's-Gravenhage: IJkema, 1884
Arnhem: G.J. Thieme
Opmerking: Vert. van: Volapük. - 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 533 H 31
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205876
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: kunstmatige wereldtalen
Trefwoord: Volapük, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Volapük, dat is de wereldtaal: spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
49
[§ 153.] Onbepaalde voornaamwoorden.
{Pumps nefiimik.)
on (men); ek (iemand), nek (niemandl;
alim (iedereen); sembal (de een of ander);
nonik (geen); alik (elk); valik [s] (alle);
bos (iets), nos (niets); ans (ettelijke, eenige);
mudiks (vele), nevoaédks (weinige),
möd(ik)umiks, verscheidene.
Voorbeelden:
dom ekd, iemands huis; nekü ßen, niemands vriend;
«erabale «eflene, aan den een of anderen vijand;
dil bosü, een gedeelte van iets;
alimä lan, ieders ziel.
Vertaal:
iemands gift, niemands daden, aan iedereen lief, de smart
van den een of ander, niets is erger.
Over het Werkwoord (Dö velib).
I. Bedrijvend Aantoonende wys.
{Bunafoma jenabid.)
A. PERSONEN: van den TEGENWOORDIGEN TI.TD.
(Pösods: patiipa.)
1) Enkelvoud {Banum).
[§ 154.] Eerste persoon enkelvoud: ik.
{Pösód balid banuma'. ob.)
Alle werkwoorden zonder uitzondering hebben in den eersten
persoon van het enkelvoud (|k) altijd de eindlettergreep
ob, b.v.:
lijf, de liefde — löfób, ik bemin.
bin, het zijn — binób, ik ben.
dun, de daad — dunób, ik doe.
kan, de kunst, het kunnen — kanób, ik kan.
vil, de wil — vilób, ik wil.
Vertaal:
ik laat (het toelaten: let).
ik weet (het weten : nol).
4