Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
- 76 -
Wy eri liaddcu ooc goeuen vacr;
Wy terdcu op cndc liepen nacr.
„Slaet doot" wacst, dat wy riepen;
Üander scoten ute haer pansers daer
So datse te sccrder liepen.
Pansers, boghcn, groot ende smal,
Twas ons gherief; wy nament al,
Ende droeghent in die sccpen.
Doen wy te Mechelen binnen quamen al,
Gheraet, wat wy begrepen:
AVy cochten laken, bey, mans ende vron;
Elc dcde een tabbart maken blau;
Grau waren haer pallaeren;
Blij fier hy stont op dc mau;
God laetser in verduercn!
tGheviel op scnte Berbclen-dach,
Dat onse reyse tc liuysbroec lach,
Daer mocht men wonder merken.
De ßrueselcrs men vlieden zach;
Sy liepen op der kerken.
Daer was te male een groot gheloop;
Daer viel er velen over hoop.
Eer sy daer binnen conden;
Sy hadden de pijken in haren cop.
Vele doode, ende vele ghewonden.
Daer was te male een groot ghecry.
Buy ten riepen sy: „Blijfter by!
Laetsc hier innc vcrbroeyen.
Ghy Brusclers, ghy soudeniers, fy!
Hoe es u nu tc mocye?"
Doe liep die Mechelaer ende ron
ïot dat men eerlanc den kerchof wou;
Sy riepen luyde, al sonder merren:
„Her, vier! her, stroy!
Dat bol were willen wi bcrrenl"