Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 07 —
1388.
Slag van Kifterlk.
Ecu MeerLe, tVVee strVVs ende III VlnCken,
Dese drie voghelea doen ons gliedincken
Dat liertoeeh Willem tot Niftric street
Van Gelre, daer Brabant scade leet.
[Het brabantsche leger was, in Jnny 1388, ter belegering
van Grave opgetrokken, voor hetwelk Jan van Kuik, van
Brabant afvallende, den hertog van Gelder als leenheer.ge-
huldigd had. Bij het verdrag van llavestein van 1385
(23 Okt.) echter, werd Grave weder als brabantseh leen
erkend.]
1590.
Groningen is een edle stadt, daar wahnen edelluyde binnen,
Midden in Erieslant is se gesat; se ligt so wol en treflycke.
Eolokraer Allena dats so een man, een man ooek also rycko;
He reet in hogen moede voor Carels hooge borge:
„ O Carel, o Card, gae de Ereesen in de handt, so bliven dine
borgen wol staende."
Nummermeer gae iek de Freesen in de hant, suldet ooek costen
dusent live;
De borch is wol omher beset mit luyden un brun-bouwede (?)
selüldc.
Up Sanct Peters nacht wurd se gewunnen, so de leve Gott
sulvest wulde;
Und up de borch wurden se alle geslagen, frouw Lysa und alle
ohre kinder;
Erouw Lysa is doot, ohre kinder sint doot, daer tho vele Her-
togen , Graven, und Heeren,
Also schal men se alle doen, de de Frccslande ghedencken tho
vernêeren.