Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— iOO —
Wat lielpt dan sulck bcstandt? — gantsch niet met alien doch.
Door 't bestandt onbcstandich suit in onverstandt raccken,
Door dien dat uwen Staudt staet onbestandich nocli;
Maeckt eerst bcstandt te sacni, cn wacht u voor bedroch,
Wilt ghy bestandichcyt in goet bestandt behouwen,
AVacht u vant 't Spaens bestandt, oft sal u naemacls rouwen.
De Gezanten in Antwerpen.
[„ Dc vreemde gezanten, daartoe van de Staten ge-
machtigd , belegden eene samenkomSt te Antwerpen, waar
zij hot eindelijk over de voornaamste punten ccus werden."
Vau der Kemp, Maurits, III. bl. GG.]
O Antwerpen sccr triumphant,
De heele werelt door ghepresen,
*•. Uwen lof en can aen elciccn kant
Niet ghenoech wtghclesen wesen;
Soomen in de eronijcken mach lesen,
Sijt ghy boven alle steden schoon,
So moet clck mensch ooc dan, door dcscn,
U wel toewenschcn alleen de croon.
Bidt Godt gcmcyn, iet liefden reyn,
Vat uwen lof seer snen voortaen,
Ged-uerielilijclc over V aertrijck
Altijt mach blijven staen.
Negen maenden al inden Haech,
Quamen by een vcel Potentaten,
Hoorden 't bedroeft Nederlants geclaech.
Dat schier oock scheen van clck verlaten,
Ick hope 't sal wesen t' onser baten,
Dat wy d' oorloch sullen worden quijt,
Moghen wy dit van God noch vaten,
Soo sal elck mcnsch wesen verblijt.
Jfel ■ceerticli jaer, 't is openbaer,
Heeft d' oorloch geduert, betruert
Heeft menich helt, het wort vertelt,
En met de doot besuert. *