Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 63 —
Daer vore lach hi in visiouc.
Van rouwen weendi menegen tracn;
Ons Vrouwe sant hem een teken scone,
Dat hi hem suverde, het ware gedaen;
,, Want die doot sal u ter neder slaen";
(Si sprac) „nu wilt verduldich sijn*';
(Ende gine tot sinen hoofde staen)
„Want verduldich was die sone mijn."
Dese edele here boet sinen mont;
Sijn herte sucnde ende al vergheven;
Hi dede hem biechten; sijn herte wcrt gesout
Hem ronde scre sijn hoverdich leven.
Och! wat jammer die heren dreven.
Doen si saglien dien sconen licliame,
Alsoe met groter sieeheit cleven!
Sijn vcrduldeeheit was Gode bcquame.
lli sprac: „ God Here ghelocft si das I
Verlent int lant uwen heilegen vrede,
Daer ic die mogenste hertoghe in was.
Die leven mochte in ertrike!
Nu sijn gheghezelt mijn scone lede.
Oeli! groet mi nu van Brabant mire vrouwen
Dies bloedt mi mijn herte sonder snede
Dat iese niet meer cn mach anscouwen."
Scone testamente dede hi maken;
Sijns levens wert een cort termijn.
Mettien ontviel hem scre sijn sprake;
Hi sprac: „Och! bidt der vrouwen mijn.
Mijn arm kinder, die ellendieh sijn.
Dat sise wille goeden op trouwe int lant!"
Die doot dedc sijnre herte groten pijn.
Doe boet dese edele here sijn hant.
Te hope Ons Vrouwe ontfinc die ziele.
Want hi in haren hoeden lach;
Des biddic Gode, ende Sente Miclucle.
Doe maccte men daer groet hantgheslach,