Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 375 —
Het was wel zija Kxceleueies ziu,
iSonder slach, stoot, ofte pijue.
Deu vyaut kreech dat iu deu neus, Hy was soo sccr belaue
Omdat men riep vive ic Geus! Het kosten hem veel tranen,
Hy zwoer by cruys eu sinte Vincent,
Hy nam vcel volcx al van Oosteut,
En woud' ons volck soo slaue.
Sy quamen met al haer ghespuys. Aan die west-zijd' vau
Sluys vrije,
Zijn Excellency dcde by Sluys Maecken ecn batterije,
Soo datter niet éen spaensche guyt.
Met galeyen niet en sou comen uyt,
Dcde sijn schepen soo bevrijen.
Ziju Exccllcncic niet tc miu. Die poochde na den drooghcn,
Cocxie heeft hy ghekrcgcn iu, Doen ghinck hy hem voort
Na siute 1'lippe alsoo men sach, (poogen.
Het geschiede wel op den Meydach,
Papou moest dat glicdoogcn. (kregen.
Op den selven dach als de schans hiet, So heeft hyse iu ghe-
Met goet accoort seyt ous dit liedt, Godt die gaf doen zijn
Den vyaut moest daer trecken uyt, (zegen ,
Wy dauckcn Godt voor sulcken buyt.
Die ous wijst sulcke weghen. (drolcn,
Siute Cathelijn was ons oock nut, tEn heeft ons niet ver-
Op beyde schaussen met gheschut Hondert schoten geschoten,
Wy planten onsen Mey ten schaus,
AVy wonnen daer eene schoone krans,
Met ouse koghels ende kloot en.
Hy lichten zijn legher haestelijck, Niemant en saehmen
schromen,
Soo is hy Üucx voor Ysendijek, Die stercke schans, ghecomen,
Met batterije onghelaeckt,
Seer haestelijck eu wel ghemaeckt.
Als Paepou heeft vernomen. (souwen,
Ecn trompetter, seer triumphant, Sondt den helt van Nas-
Oft sy die schans in onse handt Niet opghevcn en wouwen,
Sy schoten den trompetter doot,
t.Was ecn Italiaen cn moorder snoot,
A Ismen daer mocht acnschouwcn.