Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 327 —
Nu wederom int openbaer,
Sijn goetheyt heeft bewesen,
Voor de stadt van Geertruydenbergh ,
Die van de boose boeven erch.
Nu gheleden vier jaren,
Worde vereocht aen den vyandt,
Maer sy zijn meest comen te schandt.
Tot hunlieder beswaren.
Graef Maurits, des landts gouverneur,
Die isser weer ghekomen veur.
Drie daghen in Aprille
tNegenlich drie, 'tzy u verklaert;
Heeft de stadt, vry en onbeswaert,
Beleyt na zijnen wille;
Hy heefter ora ghemaeckt een perck i,
Om daerm zijn vyauden sterck
Vry wederstant te bieden,
Als sy quamen met al hun macht,
Om de stadt t' ontsetten met cracht,
tWelk niet eu eon gheschieden.
Graef Mansvclt was oock op de baeu,
Met sijn volk om te comen aen
tQuartier van d ' Excellentie,
Maer doen hy sach dat hy geen cans
En had aen d' Excelleatie schans ,
Maeckte hy sclüer geen mencie.
Als of hy daer gecomen waer
De stadt t'ontsetten, maer van daer
Is hy weder ghetogen
Nae 't quartier van graef Hohenlo,
Alwaer hy oock bleef liggen soo,
Sonder 't ontzet te poogen 2.
1 „ De legerplaats van Maurits, waarin het geheele dorp Raamsdonck
begrepen iwas, weid, langs eenen omtrek van voor 't minst twee ureu
gaans, buitenwaarts besloten in hooge wallen en diepe grachten, welke,
door bolwerken bestreken , door schansen, ravelijnen en aarden bedek«
ktngen veidedigd wcrdeu.'' Bosscha.
2 ,, De graaf van Mansfeit vei-scheen 2dMe7 meteen leger van 14,000
man; . . . ook hij begroef zich ia schanswerken, eer&t van dc zijde van
den Hojit ouder Üosterhout.....Toen hg echter ontwaaidcle dat vaa