Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 268 —
Zijnse de wal langs gegaen,
Die Malcontenten te spijt,
So binnen zijn ghegangen,
Ten toren wt gehangen,
Die brooden aen allen zijt.
Hoe heeft hun dat gespeten.
En den heer vau Lalcyn!
Lange neusen sonder eten,
Creghense alghemeyn;
Och! waerlick, lieber Hans,
Wat wilmer langer macchen,
Wy krijgen mager kaeohen,
Zy hebben kost en dranck.
In Eebruario lestleden,
Den drie-en-twintichsten dach,
Docn wiert Steenwijck de stede.
Verlost alsoomen sach;
Hans Mof trock opte loop,
Wt haer schansen te hoopen,
Haer ruyters daer af stooten.
Haes-op was goede koop.
Groeningen, gy meugt wel beven.
En laet u vrienden in,
Ghy wilt haer niet begeven,
Ghy zijt tot haer gesint;
Hebdy nu wel ghedaen,
Ghy meende 't waer al ghewonnen ;
tVlas is geroekent, niet ghesponnen.
Die Geus wil u eomen aen.
nooiiischc bede over C!eut>
O Ghendt, die, by der hciligher kerken voetsele.
Hebt gheleeft zoo menighen tijt.
Men magh wel zegghen, ghy zijt een areh ghebroetsele.
Dat ghy haer doet nu desen spijt.
Ghendt, ic zegghe u, des zeker zijt.
Het zal u nocli rauwen, dies ghy doet;
Ghy brecct Gods kerken breed endc wijt,