Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 2ßl —
Gcntschc Jammeren van 1593-I580.
0 edel maeght van Gendt, wilt trueren,
Claeglit, weent, maeet eenen drouven moet;
U leeuwen i willen u nu verschueren,
Zy Stellen u liefde bezyden zoet,
En gheven al het cloosters goet Voor buyt.
Men ziet, wat u den conynck doet.
Het wert verandert door menich guyt.
tJaer tzeventieh zeven wilt vervloucken,
Dat van Calainge 2 den Prince quam
Al binnen Ghendt om u vercloucken,
In 't schijn van dueghden, in boosheit dam.
Den leeu schauek hem zijn herte3 lam, Gherust,
dWelc hy, eylacen, met valsheit nam;
Pacys, liefde, accoort wiert doen gheschurst.
Li 't schijn qaam hy al van schaeps cleercn,
Ghclijc den wulf naer de prooye gaept,
Om te verlossen die edel leeren,
Die binnen Ghendt waren betraept.
Hy sprack: „ tGemeente niet eu slacpt Certeyn,
By haer te commen ben ic verknaept:
Het lossen let my menich vileyn."
Die edel heeren dat wel ghevoelden.
Gaven 't gemeente goeden raet.
Zoo langhe, als zy haer keelkeu spoelden,
ïooghde die wachte schoone daet;
Maer naer den eten alle haet En nijt.
De heeren zcyden: „O burgers zaet.
Den Conynck toch ghetrauwe zijt."
„ Wy zegglien 't u al van te vooren"
Spraken die hoeren zeer constant.
Zy en wilden daer niet naer hooren;
tJaer zessentzestigh abundant
Hem menich menschc zeer rijcke vant, Zeer broos,
1 De Gentsche ingeietenen.
2 Schimpnaam in ptaats vaa Oranje,
3 Zie boven hl. 221.