Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 131 —
Tot in den hcmel klanck.
Van die men sagh doodt smijten.
Al van die Spaengiaerts stranck.
Jerusalem kloeckmoedigh,
Noeh Troyen geruineert.
En zijn noyt soo verwoedig
Noeh wreet gedestrueert;
Zy deden die stadt branden,
't Volck wierpen zy daer in.
Met haer bloedige handen,
SeholHerden niet to min.
Veel zijnder doodt gedrongen,
In desen wreeden strijt.
Veel oock in 'twater sprongen.
En verdroncken subijt;
Schepen, vol voleks geladen,
Soncken in 't Schelt seer ras.
Om dat elk onberaden
Hem salveerden op dat pas.
Veel heeren zijn 't ontloopen,
Desen seer grooten noot,
Oock moesten 't veel bekoopeu
Met een haestige doodt;
Alsoo 't wel is gebleken,
Aen den graef van Oversteyn ',
Oock siet men noch gebreken
Veel heeren in 't gemeyn.
Dertigh vaendelen knechten
Lagen daer in de stadt.
Met duysent ruyters, om vechten
Tegen die Spaengiaerts plat;
Meest zijnder doe gebleven,
Soo dat men sey ter noot,
Datter wel sijn verslegen,
Achttien duyseut menschen bloot
1 De graal van Over- of Evcr-sleta | overste der Duitschers, die iu
t water smoorde.
2 Het getal schiinl wat oycrdrovea , jie boveu, en verg. Mciidoga.
12