Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 107 --
111 grooter noot zy lieten sieken
Thien i van hacr beste schepen vaillant,
Alsoot daer claerelijck is gheblekcn,
Katte noch hont quammer van te laut.
Spaengiaerts, Walen, Italianen mede,
Menighen roep men lioorde daer,
Misericordia dat was haer zede,
Maer gheen ghenade was aldaer.
By de twee duysent zijnder ghebleven
Vande Papouwen, en dat.is wacr,
En op de schepen, die na Bcrghcn dreven,
AVasser seer veele ghewont aldaer.
De governeur van Vlissinghen moctlich
Monsieur Boisot gheheeten is.
Zijn broeder was adrnkael hoochmocdich,
Die volbracht heeft dit feyt ghewis.
Papisten, wilt doch eens overdencken,
Dat God de ileere boven u regeert,
Daer hy mede is, macl\ niemant krencken,
tWeIck die sehriftuere ons oock wel leert.
Al binnen Vlissinghen soet wtvercoren,
Daer worden op een tijt binnen ghebracht.
Vier schepen de papisten verloren,
AVelck waren de principaelste van macht.
Die ander vijve sach men daer blijven.
Ter Vcere binnen, met groot ghelayt;
tWas al verblijt mannen en wijven.
Al van die groote schoone buyt.
Met neghcnthien schepen zy volbrachten
Desen tocht tcghen den vijant verwoet,
Welcke victory groot is te achten.
Die ons gegeven heeft de Hecre soet.
Laet ons den Heer dancken en loven.
Voor zijn groote ghenade niet eleyn,
Ende groot maken onsei> God hier boven.
Met lofsanghcn ende psalmen reyn.
l ,, Desideratae snnt ex parle regiorum navei belHcae novera cntn
septingentis militibas" (Mew.) ; het tiende was reeds bij het uitvaroix uit
Bergen verongelukt: ,, "i portus exitu una ex praecipuis navibns disploso
tormenlo rupla, paucis militibns cam centurione enatantibus." (aid.)