Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 90 --
Den tliieuden penninck woud ick onlfaen,
Dit liebben sy vernomen,
Zy ghinghen my wederstaen.
Fortuyne, die liep my teghen.
Dat segghe ick u goet rondt,
Ick en hadde niet verereghen
Hetghene daer ick naer stondt.
Dit werck brocht my gheheel inden grondt;
Och, hadden ick stil ghezwegheu.
Dat waer ons seer ghesondt!
Een werck sachmen daer brouwen,
Ten Brielc cn daer omtrent,
» Zeelant ende der Gouwen,
NoordthoUand seer wel bekent;
Hoewel den prince noch was absent,
Zy wierden hem ghetrouwe,
Haer hart was van my ghewent.
Raedt, monnieken ende papen,
tls qualijck met ons ghestelt,
Oeh hadde ick doch gheslapen.
En ghy behouden u ghelt!
Wy hebben ons selven nu seer ghcquelt,
Niemandt en past op ons gapen,
Want schrifturc wort daer vermeit.
Nu noch oock ten alderlesten,
3oo word ick ghestelt ter leur,
Soo coemt my, wt den Westen,
Een nieuwen gouverneur ',
Met nieuwe placeaten, met nieuwe keur;
Dus radet my nu ten besten,
Waer vind ick nu eeu open deur ?
Eylacen, in alle hoeeken,
Maeck icker de luyden gram,
Niemandt en sal my soecken.
Te Brucssel, noch t' Amsterdam ,
Om dat ick veel ghelts te leen daer nam.
Hierom sy de uere vervloecken.
Dat ick in het Nederlant quam.
1 Rcqueicus, die den 17 Nov. iu Brussel kwam.