Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 522 --
Zijn sy niet vroom van daden,
Die ghy noemt Lulhriaen?
Sy doen u beter genaden.
Ah ghy t'Rotterdam hebt gedaen,
Zutpnen en Naerden, hoort mijn vermaen,
Ooek Haerlem zwaer beladen,
Meyneedigh ende valsch verraen.
Oorlof, ghy Christen-nacy,
Weest vroom in woorden en daet.
Den Spaengiaert is, eylaey,
Meyneedigh en opstinaet;
Dus wil ick niet volgen haeren raet,
Maer bid den Heer om gracy.
Dat hy ons beschermt voor quaet.
Bossu'9 klacht.
„Maximilianus de Bossou,
Ben ick, een graef, geheeten,
Duc d'Aiba dien ick seer getrouw.
Die heeft my nu vergeten;
Ick heb geweest zijn Admirael,
De Geusen tc dooden principael.
Dat had ick my vermeten.
Mijn vast vertrouwen was mijn schip,
Godt had ick gansch verlaten,
My docht het was een harde klip,
Daer mochten geen pompen op vaeten;
Maer daer quamen pompen in de vloot,
Die Hendrick van Trier van kloeken gooti.
Die maeekten groote gaten.
lek meynde te wesen der Geusen dwanck.
De kans, die liep verloren,
'k Word gevangen tegen mijn danck,
Zy brachten my te Hooren;
Aldaer ben ick iu een klooster geraeckt,
l „ Het ootbrak dea bevrijdereti des Vaderlands aan geschut, en de
klokken kouden daartoe het beste dieneu." ^v. Gron, Jfaterg. bl. 399).
Verg. Bijt', op Wag., Yl. 79.