Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 81 —
Sy hadden de Geusen soo geern gequelt.
Van honger haer te doen sterven,
Tc versmachten, 't sy u vertelt.
Sy gingen malkanderen toeschrijven:
Dc zee, die waer ons nut,
Den Geus kan niet bedrijven.
Houten pompen is ziju geschut,
Haer volck is weynigh, haer macht is rut,
Wy sullense haest ontlijven; —
Maer haer mceninge wort gesehut.
Sy quamen, door die wraeckeu^.
Op Zuyder zee metter spoet,
Hooghmoedigh dat sy spraecken:
Ons saecken staen seer goedt j
Doe quamen haer sulcke pompen te moet,
Die gingen haer dapperlijck raccken,
't En smaeckte haer gantseh niet soet.
Papouwen, liet ghy u mompen.
Of bruyckt ghy een quaedt advijs.
Dat ghy van de houten pompen
Liet nemen soo schoonen prijs.
Een schip gelijck een paradijs ? —
U spotten cn u schompen
Maeckten u dc pompen wel wijs.
Waer is nu u Inquisicy 2,
U aldenneeste betrouw,
Gemaeckt op die condicy.
De Geusen to brengen in rouw;
Waer is de grave van Bosso\i,
U heer van groot officy,
Sit te Hoorn al in de couw 3.
1 De scbepen, die men io het IJ had laten zinken.
2 Bossu's schip, z'e bo7. bl. 78.
3 Bossu Tverd, na zijne overgave, naar Hoorn gevoerd en daar in
't weeshuis gevangen gezet. ,, Welkers gevankenis is geweest in de Agter-
straat, naast het weeshuys, waarvoor nog bovcu deu ingang dit navol»
gende vers tot een eeuwige gedagtenis slaat:
Anno 1573 mon zag,
In October dun elfden dag ,
Graaf Bossu hier veroveit tot Tloorn ;
Gevangen in dit huys hij lag,
Even drie dagen na den slag ,
Die hij op Zuyderzec had verloren.*'
Kronijk van Hoorn 1766.
IL H