Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 58 —
m
I
Ik
Dg Spanjaarts maakten een walie
Om 't huis, met aller macht;
Die burgers en soldaten alle
Arbeiden ook dag en nacht',
Zy maakten de stad vaste
Daar 't nog zeer was van nood 2;
Op den tyran zy niet cn pasten
Als hy de stad opeisclite bloot.
Het was den Spanjaarts groote spyle.
Dat zy kregen geen gehoor,
Zy achten de stad niet een myte
Eer zy daar quamen voor;
Daar zyn niet in dan boeren.
Maakten zy malkander wijs,
Voorloopers en meer zulke loeren,
Zy zouden wel behalen prijs.
't Grof geschut gingen sy stellen
Voor den Roo-Toorn en Vricsschepoort ^
Zy meenden 't al mede tc vellen
En dan te bedryven liun moordt.
Maar de Heere der Heirscharen,
"Wiens macht hun te booven gaat.
Koude de stad wel bewaren .
En beschcrmen van zidken quaat.
Da;igs na sint Lambert zeer vroege,
Bcgostcn de Spanjaarts voorwaar
Te beschieten, naar al hun vermogen,
Met twintig grof stukken zwaar.
1 „Zoodra Don Fadrique de stad genaalcJe, Het hij een huis slecht-
ten, Vr'aaruit meu een kanaal bestreek, opdat_ er geen hnlp te water zou
nndcren kunnen." ,, De zeven eerste dagen i^braclit meu door) met
zich le plaatsen en te versterken." (Meud.) ^ %
2 „Er viel Sept. volgens den boven reedsaangevoerden ooggetuige)
een stuk vau de muur , die eerst versch gebouwd was , ora; gedurende bijkaus
een maand echter, die er aan het steUen der batterij, het inwaebten der
krijgsbehoelten , cn het leggen der loopgraven besleed werd , hadden zij
tijd de muren we«!r op te richten en le versterken; hetgeru voor ben van
veel belang, voor oas geen gering nadeel was, en een beletsel voor het
welgelukken der ondcrueming." (Mend.)«
3 Twee batterijen „ä la puerta de la Pcscadtria y Torre Roxa,"
(zegt Mend.), die dus Visch'X}oori schijnt verslaan tc hebben.