Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— -52 —
Met sclümp, dat haer manieren
Tot erijch waeren inghesteldt;
Hier toont hy zijn ghenade bloot:
Gheen borgher brenght hy self ter doot.
Dan vrient moet vrient vermoorden,
Siet hier 's tyrans accoorden.
Men sach Alckmaer bestormen.
Wel vijf uren langh met kracht i,
Als vlieghcn ende wormen
Werden de mensehen geacht;
Eick borgher heeft hem wel gheweert,
Niemant van hen en heeft begheert.
Zijn lansknechten te missen,
Nae des tyrannes gissen.
Dies is hy afgheslaghen,
Dry duysent mans hy daer liet.
Of hy 'tniet meer derf waghen,
Gheen stormen men meer en siet;
O Heer! gheeft dat hy eer yet lauck.
Moet wijeken teghen zijnen danck,
Wilt de borghers bewaeren,
Ende voorspoedich spaeren!
Wilt oock volstandich stereken
Hollant, en Zeelandt altijt;
Dijn hulp op zee laet mercken.
Dat zy die niet gaen quijt;
Opent d' ooghen, ist uwen wil,
Van mijn landen die sitten stil.
Dat zy u woort inlaten,
En valsche leere haten!
1 18 Sept. (Zie de volg bladz.).
ir.
Wie wil hooren een goet nieu liet.
Hoort toe ick salt u singhen.
Al wat voor Alckmaer is gheschiet,
Ick en sal u lieghen niet.
Het zijn alsoo vreemde dinghen: