Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— -14 —
ïrockcn daeria, hoort mijn advijs,
sAvondts in hacr logyscn;
Haer siiickroers leyden sy van haer.
En spraken met den waert aldaer,
Zy moesten vroegh oprysen.
Seght ons doch nu, heer waert seer koen,
Wat uyr men smorghens gaet op doen
De poort van deser steden ;
Twee waghens met wijnen seer goet.
Sullen daer staen, nae mijn ghemoet,
Voor die poort al ghereden,
Voor den opganck der bonnen klaer.
Wild' iek wel, dat men mocht voorwaer
Dc poort vroegher opsluyten.
Eer haer de cracht des sons beschijnt,
Opdatse niet, gantschlijck verdwijnt.
Mochte comen van buyten.
Die waert antwoord' in corter stont,
Meynde dat hy Wijucoopers vont:
sMorghens, omtrent vier uren.
Die poortier gaet, ende ontsluyt
De poorten, als de clocke luyt,
Sonder eenich getrueren.
Wilt ghy, dat hy vroegher opdoet.
Een gheschenek gheeft wt uwe goet,
Hy sal hem laten vinden,
Eh zal u wijnen-excellent
Inlaten, seer by u bekent,
Soo goet als eenen kinde.
Des morghens vroech zijn sy ontwaeekt.
End by de poort vlijtlick ghenaeckt.
Een gheschenek sy hem schenckten;
De poort worde daer opghedaen;
Met een sinckroer seer wel ghelaen,
Daermede sy hem krenckten.
De sleutelen al vande poort.
Namens' hem aff' — gaet, singht het voort
End sy die wel bewaerden;
Graeff Lodewijck met veertich man.