Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— -7 —
Noyt burgher was iu meerder noot.
Het ghekjijsch was daer seer groot.
En ooek de Straeten van bloede root;
Als harinck saelnnense kaken.
Alle ghy steden, eleyn en groot.
Wilt hier doch wel opmercken,
Laet u dit wesen inder noot.
Een exempel end spieghel bloot.
Houdt u vast tot der doot.
Voor die sulcke boosheyt werken.
Die van Vlissinghen. alghemeyn.
En gheheel Walcheren machtich.
Met haer soo trocken eene lijn.
Die van der Veere fljn.
Met de boeren zy eens zijn,
Middelborgh sy dwinghen crachtich.
Duc dAlvens rijcke heeft een ent.
In dat Zeelandt vercoren.
Zijne zeeveerdt die is gheschent.
Want die Wielinghe, alsoo jent.
En die Maze excellent.
Die heeft hy nu verloren.
Loff prince onsen Godt altijdt.
Wilt verlossen, tot desen.
Die om de waerheydt zijn benijt.
End u soecken met herten blijt,
Oock die voor den uwen strijdt.
Wilt die tsaem behulpich wesen.
II.
Wy Geuskens willen nu singhen.
In desen Meyes tijt.
En van vreugde opspringen.
Dat ons God-gebeuedijt
Nu heeft gegeven reyn
Zijnen zegen machtich,
Wy sullen dacrom , eeudraehtich,