Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— -360 —
Als Philips monsuer u quam verstooren i,
Om u te winueu met fortse en ghc\yelt,
Doen toende ghy u eraeht met suleken thooren,
Soo dat hy u most verlaten en ruymen tvelt.
Nochtans en was hy soo verwoedieh niet ghestelt.
Als die prins van Orangicn met sijn ondersaten,
Die kercken en cloosters hebben ghevelt,
Die hebt ghy terstont wel ingelaten
tPy u, ter schänden, touwcr onbaten ;
Want die niet en begherden, na haren sin,
Dan der kercken ciboriën en gulden vaten.
Die dopten voer Brucstem poort, sy mochten wel in.
Ghy moet nu swijghen, daer ghy placht te spreecken,
Doer u vals bedrijf, tôt elcken keere.
Verraders, als Judas, sijt ghij ghebleeckcn.
Want ghij ghelevert hebt uwen grontheere.
Die u niet en thoende dan duecht en eere,
Dien hebt ghy onnoozelijck dacrom ghebracht,
Ghy beloefde hem bystant, ja en noch meere.
Lijf cn goet ie waghen waert ghy bedacht;
Mor ghy hebt in allen dmghen Achitophel gheslacht.
Schoen van voren, mer van herten mordadich;
Die Godt cn sijn sacramenten hebben veracht,
En Gods moeder, Maria, waren versmadich,
Die sijt ghy met jonsten gheweest beradich,
En gaeft dbestc ghesehut tot haren ghewin ;
Die niet dan tot quaet en waren baldadich,
Die dopten voer Brucstem poort, sy mochten wel in.
Ghy en condt u gheenssins gheëxcuzcren,
Waer ghij u keert, ghy blijft in schänden,
Hadt ghy u toch eeus ghestelt te weren,
Ghelijck ghy ghelooft hadt, teghen u viauden,
1 Zie boven bladz. 119. Men ziet uit bet refei-ein » dat dit lied de
schimpende weeiklank is van het daar meegedeelde.
2 ,, J'ay à mon très grand regret, entendu que ma ville de St. Trond
est venue au pouvoir du prince d'Oranges, et ce par la diversité d'in-
clination des bourgeois à la garde d'icelle, estant autremeut bien dé-
fensable avec les geus de guene que à mon petit povoir j'y avois mise
dedens, si Usdicts bourgeois eussent eslé affeclioaues comme ils debvoient."
^Grocshcek aan Alva, 17 Nov. 1508).