Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 274 — .
Wiltse dan metten edelen
Het niet zijn eens? — NeensM
Waer blijft dat roode ealf i,
Die ons tbastaertkint ^ int landt sant ? — Int sant!
Nu hy moet aehterblijven,
Wie zal zijn goed deelen ? — D'celen!
Hy hapde toeh goets genoech.
Wat socht hy noch meer? — Eer.
Het was recht een Nero,
Een hoeren herberghere ? — Ergere!
O God! wie sal dit arme volc,
Verlossen uyt den stricke? — Icke!
1 De kardinaal. 2 Margaretha.
Gagnerat-on faisant aux Gueux la guerre? — Gueres.
Qui aura le prix, le pape ou bien les Gubtlx? — Eulx.
Sçaurait il plus defendre son canon? — Non.
Ne lui peult doncq ayder son grand terrien? — Rien.
Et ou demeurera la Messe a deux soulz? — Soulz.
Uni est Tappuys du Pape et sa séquelle? — Elle.
Ne la peult-on tirer a bon poinct? — Point.
Le rouge veau sera tout esblouy? — Ouy.
Ses ennemis auront-ilz ce grand bien? — Bien.
Quant il cherche questie, qui chcrche-t-il encoir? — Or.
C'est un Néron qui a tout mal aspire? — Pire.
Reviendra il en sa puissance doneques? — Oncques.
Qui tirera aux Gueulx de lesmoy? — Moy.
Ile edelen te Sint Truyen.
I.
Wy wilt hooren een nieu liet ? — Vive Ie Geus!
En dat (t)Sint Truyden is gheschiet,
Vive lo Geus!