Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 260 — .
Hy spronck van synen peerde,
Niet vreesende de eraehte
Van liet fransoys geslachte,
Egmont sadt op met weerde,
O ghetron en stout werck!
En voorts heeft hy gheghrepen ,
Dees peerts steert metten handen,
In spijte der vyanden,
tWelk hem heeft wtglieslepen,
Vechtende even sterck.
Hy heeft, met wysen sinnen,
Des peerts steert ras ghewonden
Om den slincken, vol wonden.
En vocht, tsynen ghewinne,
Sterck met sijn rechterhant.
Ghelijck twee stercke winden.
Door eenen boomgaert groene.
Met seer snellen fatsoene,
Vlieghende, en soo sclünden
Die vruchten abondant, —
Soo sach men dees twee loopen,
Eu omworpen, met lioopen,
tFransch volck aen elcken kant.
Te wijl dat dees twee vochten,
Quamen aen de Boergoensche,
En sloeghen de Gaschoensche,
Die sy soo tonder brochten,
Ghelijck de cat de muys ;
Veel werdender ghevanghen,
Oock verdroncken der veele.
De rest vloet wt den spele,
Benaut deur het verstrangen,
Seer beschadicht nae huys;
Soo s'oock hadden ghevaren,
Over twee halve jaren.
Dit meyneedich ghespuys;