Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 256 — .
Buscruyt, nae ons vereleringhe,
Harnas, spiese, en zweert.
Brengt by nu sober teringhe,
Want this nu seer onweert.
tHuys van neringlie staet nu open.
Ons hertsen zweringhe is vereropen,
tSal beteren, soudiek hopen,
Met menich benaude nou;
Synen moet was hem ontslopen,
Hy hadde grooten rou.
Goede redene, met Verstande,
Stelden hem te vredene, als de vaeljande,
Hy behaelde voer haer scliande.
Dat hy werdt desperaet;
Gods wil hem doch sulcx jande,
Diet al te boven gaet.
Ghemeenen eoopman en ambachtslieden
Met des schippers hoop dan, sal duecht gescliieden;
Den landtman en derf niet vlieden
Voer vyanden cleyn oft groot;
Dbestandt can sulcx verbieden,
Eick mach nu winnen zijn broot.
Arbeyders alle, buyten en binnen,
By sulcken ghevalle, sullen gheldeken winnen;
IJ wijfs en derreu niet spinnen,
tVlas is ooek veel te dier;
Wilt \i daer op versinnen.
En soect altijts goet bier.
Goetwillich en Labeur meren haer leden,
Doer dbestants faveur, staen zy en smeden
Braetpannen, en dat mids reden.
Van harnas soomen siet;
tVolck maeet goet chier in vreden
tHernas en ghelt nu niet.