Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 251 —
1550.
Vaart naar Willebrook.
In brVesseLLc den XXXI daCh Melis,
Is VecL bLllssChap ghesien en ghesClirells. *
Inearnatie ven 'tbegintsel vant graven,
dat men den eersten steeek staek:
Tot VVILLebroeC heeft LoqVenghlens MaChtghebLeken,
XVI IVnl Was den eersten steeCk ghesteken.
(Breede verclaringhé).
Op den sesthiensten Judü, zijnde het gulden Iaer,
Is Heer Jan van Loequengien, onbesweken,
Nae Willebroeek ghereyst, met vreuchden aldaer.
Om graven, was den eersten steeek ghesteken.
Waer af men wel hadde hooren spreken.
Over dry-en-seventich jaer oft meere,
Hoe dat 't water wt de Rijpel soude comen ghesteken,
Nae Bruessel, deur nieuwen practijckschen keere.
En alsnu beliefdet alsoo Godt den Heere,
Dat die prophecie souden worden volbracht;
Waeraf hij hebben moet lof, prijs, en eere.
Die om het volbringhen wel heeft die macht;
Hij is sot, die in sijn qualijck-vaert lacht. 2 —
1 Dca letsten dach der maent Meye (1550") 's morgens omtrent den
acht uren, zoo is die Keysertijcke Maj. met sijnen sone den Prince van
Spaignicn wt Bruessel gbetrocken nae Duytschiandt met schoonen staet,
■wesende seer qualijck te passé, waeromme tol Bruessel groote droef-
heyt was. Maer ten selven daghe sprack men vun dc tiieuwe vaert oft
rivlere tusschen die van Mechelen ende Bruessel. Ende daer was in de
presentie van vrouwe Maria, die gouTcrnante, met voorwise verklaort
ende in de teghenwoordicheyt van de hoeren van Bruessel ende Mechelen,
dat die van Bruessel souden van stonden aen mogen gaen beginnen te
graven, achlervolgende de aden daeraf zijnde van derselver date, waer-
omme weder soo grooten blijdschap was onder die ghemeynte van Bruessel;
als er droeflicyt was om het vertrek van den keyser. {^Kronijk van Brabant,']
2 Het kanaal werd eerst na elf jaren voltooid, en in Ükt. 1561 met
feesten eu plechtigheden voor de schiiepvaart geopend.