Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 237 — .
Met der heyligher kcrckcu, wel gliesticlit:
Heere wilt ons peys geven in onse daghen.
Want ons lierte es touwerts ghericht,
Wy en hebben niemant die voer ons vicht,
Dan n, Christe, alleene, ons Heere, ons (iodt! —
Een vierich gebéken es een goet slodt.
Rossems gewelt lieeft Brabant gestelt in bernende coelen.
Schoen dorpen gevelt, Goeds huerden gequelt, wat batet ver-
holen? —.
Maarten van Ro^Hcni te Leuven.
Mettcr grauwer cappen.
Liet hy sien sijn lappen —
Eick wet dat waer is —
Tot Loeven de pensionarys.
■ Den ijsten dach in Oeghste die clercken van Loeven hielen,
Maer over de stads-vesten die Heeren vielen.
[„ Op den tweesten dach der maent van Oeghst, soo quam
de voirs. capiteyn ^L v. K. met alle sijnder macht voer de
Stadt van Loevenen, meyneude desclve stadt van L. inne
te nemen, eysschende vauders. stadt kx™. gouden croonen
ende daereuboven groot getal van bussen, clooten, ende
poedere, ende dat hy sesse weeken lanck soude hebben
sijn vry uyt- ende innc-reyseu; die van Loeven en be-
gheerdcn hen daerop te beraden metter gemeynten. Corts
daerna quam de meycre van Loevenen ende sekere gecom-
mitteerde van ders. stadt tot buyten poerten by den voirs.
M. v. B. met hem sprake houden, ende en consten nyet
overeencomen. Daer waeren doen ter tijt vele heeren van
Loevenen, dieweleke hen over dandere syde van ders. stadt-
vesten lieten vallen over de vesten, deweleke naderhant
by der gemeynten van L. genaempt ende gehecten waeren
de craekcbeyen-eeters van Loeven------
De borghers ende ingesetenen uten clercken ende studen-