Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 206 —
Daer bleef so menieh lantsknecht dood.
Te Munster onder die mueren.
Die storm-, die duerde een eorte tijt.
Tot dat die metten waren bereit.
Die metten waren ghesonghen.
Doen sehoten wi daer drie bussen los,
Alarm so sloeghen die trommelen.
Wi vielen Munster dapperlye an, '
Wi leden sehade so menighen man,
Men saeh daer menieh bloet vei^hieten.
Men sach daer menighen vromen lantsknecht.
Het bloet liep over haer. voeten.
Die lantsknechten waren in grooter noot,
Daer bleffer wel drie duisent doot,
In anderhalver uren,
Was dat niet eene grote schare van volk?
Noch en sal gheen lantsknecht truercn.
Wi weken in een wilde velt,
In die scanssen hebben wi gevuert ons geit,
Enen raet souden si ons gheven,
Wi riepen Maria Gods moeder aen:
„Beschermt ons lijf ende leven!"
Knipperdolline tot sinen knechten spraek:
„Ghi borghers, coemt hier op die wacht,
Lact ons den hoop aenschouwen!
Al waren sie noch drie duisent stere.
Den prijs willen wi behouwen."
Een bussesehieter, die daer was, .
Hi schoot drie cartouwen al op dat pas
Veel snelder dan een duive;
Wistent mijn vader ende moeder thuis,
8i souden mi helpen trueren.