Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 143 —
«
Haer dienaers droeghen Üuweel, damast,
By duseutsmaels, der vrouwen ter waerden;
Naer Burghers i saehmense de vaert aenvaerden.
Die tijdinghe vernam die eonine maehtich;
AI mocht hy te voren veel sorghcn haerden.
Een goede bootseap maect menich herte sachtich.
Die coninck, met sijnre eoninghinne,
En die jonge coninck, verreyst daer mede,
Q,uamen, met eenen 'eendrachtighen sinne,
Een half mijle buten Burghers ter stede: '
Daer groeyde jonste, daer sach men vrede.
Jut weerdich ontmoeten van twee ghelieven.
Sulc een ontfanck, alsmeu daer dede,
Eu mach gheeu menseelike tonghe brieven!
Al had iek een ynghclijck verstant,
En dusentich handen, die altoos screven.
So ca soudic niet können toghen iat laat
Den cost, die daer was bedreven.
Daer heeft liefs mont den mont beseven;
Daer sachmen dooghen na dooghen ghierich.
Selck weten dexemple wel die noch leven;
Groen hout ontsteken bernt dickwil vierich.
Die bruygom, daer men eere af mach talen,
Gaf vrouwe Margrieten, buten opt velt.
Drie hondert duysent gouden realen.
Tot haerder willecome ghetelt.
Doe quam die gheestelike ghewelt.
En ontfinghensc met crucen en vanen;
Te-Deum-Laudamus was daer ghespelt;
Daer duert af coemt machmen wel vermaaen.
Doe redense al naer der stad vercyert;
Die Husen warea als tempels vermeit;
1 BurgM.