Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 138 —
1496 en 1497.
Filips de Sclioone cn MargaretliA.
[Filips de Sclioone huwde, in Oktober 140G, Johanna, d
doeliter van Ferdinand en Izabella, die de rijken van Kas
tilicn en Arragon aan het huis van Oostenrijk zou bren
gen, en zijne zuster Margaretha scheepte zich in Febr. 1497
te Vlissingen naar Spanje in, om er in April, Ferdinand
zoon. Jan te huwen; nog hetzelfde jaar eciiter, werd zi
weduwe. Haar afscheid werd door een tijdgenoot bezong
en, even als Filips' ontvangst eu blijde inkomst ii
Gent en Brugge.]
Afsclicid.
Hoe groten blijscap in liefs vergaren es,
Druck, droef hey t volcht achter int scheyen;
Het versamen van vrienden een bly gebaren es,
Maer tseheyen van lieven der herten beswaren es;
Voor blijscap coemt droefheyt, voor dlachen screyen.
Alsoo sy verhoort hadden diet ons seyen,
Scot was ghesciet in Middelburgh, die stede.
Van onsen grave en sijnre susten, ouder hun beyen,
Op Sinte Katerinen dach *, dats waerhede,
Daer Margriete met haren broeder tseeymael dede.
Ons grave sijne suster vriendelijc toefde.
Over maeltijt daer sy saten bee.
Van spijse, van draneke, dat daer behoefde.
Margriete en dede niet dan sy droefde.
Denkende hoe sy gheraken soude over die zee,
Ende tsceyden van haren broeder dede haer wee:
1 Volgens Molinet eerst in Febr. 1-197.