Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
^ 98 —
zéLANDE.
Proesse et sens sont mis en riche lame
Plaindre lenr fault; mes qnoy il faut penser.
Pompeux atour ne fait point riche l'ame,
Pechié se doit de vertu compenser.
Plaise toy done du bon due d'y penser.
Père piteux et rechoyt ceste offrande.
Peuple le fait qui le pleure en Zélande.
NAMUfi,
Ung deul nouvel, quelque chose on en die,
Vient à mon cuer, en contemplant sa mort;
Vertu y pert, discrétion mendie
Voire en son temps ou sans plus sa mort;
Vaillant pryerre a grant puissance amort
Vive es cMeux l'ame en ait partie
Visse exclus an comté de Namur.
LE COMTé DE BOURGOGNE,
Son bruyant bruit, dont luy vif abondoit.
Sous terre gist, ne reste mie que la fame;
Ses faits sont fès, il a fait come on doit.
Sa mort l'amort qui toute riens affame.
Soit l'ame en bruit come en terre on Ta fame.
Sainte et sain cliiès vive et sans vergogne
Suplie à Dieu le comté de Boiirgogne.
Karei de Stoute cn Lodewyk XI«
[De maker van het eerste van beide onderstaande ge-
dichten , een geboren Vlaming van Aalst, Georgc de Cha-
tellain, schetst daarin de verbittering, die aan het borgou-
disehe hof heerschte, toen de Jjuikenaars, op aanhitsing van
Lodewijk XI, ten derden maal tegen den hertog van Bor-