Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 83 —
Clccf komt ook tc Vcnetiün, eu zij vervoegen zich by
hem, en nemen te zamcn den weg aau naar Jeruzalem.
Hij wordt aldaar door den hertog tot ridder geslagen; 1450."
(Van Spacn, Inleiding tot de gesch. van Gelderland, I. 312.)]
Met lusie willen wi singhcu,
Schoon lief, al bi der hant.
Van dricn lautsheren dinghcn.
Geboren al uut Ncderlant:
Clccf, Iloorne, ende Batcuborch —
llacr namen sijn wel becant.
Met sangh willen wise prisen; —
Gacn wandelen al door dat lant.
Die heren sijn nutghetoghen,
Al in dat gulden jaer.
Si cn wouden niet weder keren.
Si cn waren ridder geslaen.
Te Vencgliicn dat si quamen,
Si maecten daer een verdrach;
Si CU wouden niet weder keren.
Si cn besochten dat heilighc graf.
Si namen daer malcander
Al bi der witter hant:
„ Wi riden nu te samen
Al door dat gulden lant."
Si laghen int Suitwesten,
Al dat vergulden jaer,
Mer si waren vreemde gasten;
Te Jerusalem was liaer begaer.
Die een here sprac den stierman toe:
„Hout uwen anker al vast,
Bewaert u schip met stadcn,
Siet wel tot uwen mast!
Ghi hebt drie heren gheladen;
Het en is om gheen ghelt te doen^
Bewaert u schip van schaden.
Dat ons gheen ghebrec eu coem."