Boekgegevens
Titel: Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Auteur: Vloten, J. van
Uitgave: Amsterdam: Schadd, 1864
Nieuwe uitg; 1e uitg.: 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, 113: NED 398.87
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205857
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche geschiedzangen, naar tijdsorde gerangschikt en toegelicht door J. van Vloten
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 82 —
1405.
I^and-k arakleristick.
Een groen raepken.
Een vuurt soaepkeu,
Ende den rogghenen eant.
Dat sijn die pruesschaerts van Brabant.
Groote platteelen,
Leekro morseelen,
Ende vroueh an die banek,
Dat sijn die drynekebuneken van Hollant.
Langhe pyeken,
Slyekeghe dyeken,
Ende don taruwen lant,
Dat sijn die bottaerts van Zeelant.
Hooghe peerden,
Bianeke sweerden,
Ende rasch van der hant.
Dat sijn die snaphanen van Gelderlant.
Scerp van rekenynghe.
Rein van betalynghe,
Ende scalc up den teerlyne,
Dats den lossen, lacken Vlamine.
1450.
Ilooni, Kleef, en Batenburg,
in het Heilige Land.
[„Diederik van Bronckliorstheer van Anholt en Baten
tenburg, reist met den graaf van Hornes naar Venetiën, ei
verders in bedevaart naar het H. laad. Hertbg Jolian va;