Boekgegevens
Titel: Van eigen bodem
Deel: 4e deeltje
Auteur: Honigh, Cornelis; Vos, G.J.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1895
9e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4713
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205790
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Van eigen bodem
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
TWEE BRIEVEN OVER HETZELFDE ONDERWERP.
I.
v.vjf eene bedrijvige huismoeder.
Lieve Tnii!
Eindelijk breekt er dan toch eens een rustig uurtje aan, waarin
ik U een lettertje kan schrijven, 'k Had het al eerder willen
doen, maar men komt er dan met de drukte vaak niet aan toe:
ge hebt zelve eene huishoiuling, en weet dus, dat men dikwijls,
door allerlei bezigheden overstelpt, aan de correspondentie niet
kan denken. Gisteren avond hoopte ik nog, als 'k met de wasch
klaar was, aan U te gaan schrijven; maar jawel, daar begint
me, juist toen we met rekken zouden beginnen, dat spektakel
van die serenade.
Ge moet weten, dat het gisteren juist vijftig jaar geleden was,
dat onze dokter Van der Horst hier zijne praktijk begon, en nu
had de Geneeskundige Commissie de aardigheid hem eene sere-
nade te brengen. Nu, ge begrijpt, ik heb anders niets tegen
zoo'n serenade; ik denk altijd bij zulk soort van dingen: wij
zijn zeiven ook jong geweest, maar mij kwam die historie nu
gisteren bijzonder ongelegen, want we zouden, zooals ik zei,
juist de wasch rekken •— we wasschen tegenwoordig eens in
de veertien dagen; ziet ge, dan heb ik die week, dat er geene
wasch is, niets dan eene kleine wasch, en nu was 't juist de
beurt van de groote — en nu zult ge zeggen, waai-om ik zoo
laat 's avonds aan 't rekken ga, maar mijn lieve, wie komt
daar over dag aan toe, als de kinderen je onophoudelijk om de
handen loopen? Nu dan, Mietje en ik haddeu pas het eerste
stuk goed tusschen de duimen, en daar bagon het toe-te-roe-toe.
Nu was dat anders nog niets, en ik zou zeggen: Blaas maar
toe! — maar dokter woont hier schuin tegenover, en dus kregen
we 't lawaai uit de eerste hand.
't AVas om tureluursch te worden, 'k Had kleinen Frits juist
in den slaap, maar hij wordt natuurlijk dadelijk wakker door dat