Boekgegevens
Titel: Van eigen bodem
Deel: 4e deeltje
Auteur: Honigh, Cornelis; Vos, G.J.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1895
9e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4713
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205790
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Van eigen bodem
Vorige scan Volgende scanScanned page
10
den, maken zij 't mij mogelijk, zelfs op 't midden van den
dag, uit te gaan zonder mij aan de verzengende zonnestralen
bloot te stellen. Mijne kleederen bestaan uit gevlochten blad-
strooken, en evenzoo deze matten, die mij tot verschillend
gebruik van zoo groot nut zijn. Deze zeef vind ik bijna geheel
bereid aan dat gedeelte van den stam, waar de bladeren ont-
springen, terwijl men van die bladeren, door ze op doelmatige
wijze te vlechten, scheepszeilen maakt. De haarachtige zelfstan-
digheid, die de noten omgeeft, is veel doelmatiger voor het.
kalfateren van schepen dan vlas, daar zij niet zoo spoedig
verrot, als zij in 't water komt, sterk uitzet en dus de dicht-
heid bevordert; van datzelfde kokoshaar maakt men ook bind-
garen, touw en kabels. Eindelijk moet ik er nog bijvoegen,
dat ik eene uitmuntende olie, die tot bereiding mijner spijzen
en evenzeer tot verlichting mijner woning dient, door uitpersing
van het versehe vruchtvleesch verkrijg."
Terwijl de vreemde naar deze rede luisterde, kon hij niet
nalaten den armen Indiaan te bewonderen, die, hoewel slechts
eenige Kokosboomen bezittende, daarmee, toch in al zijne
behoeften wist te voorzien.
Toen hij zich eindelijk tot zijn vertrek gereedmaakte, zei zijn
vriendelijke gastheer:
— »Ik heb reeds sinds eenigen tijd gewenscht aan een mijner
vrienden in de stad te schrijven, maar had geene gelegenheid
om hem den brief te doen toekomen; zoudt gij u er wel mede
willen belasten?"
— »Zeer zeker," antwoordde de vreemde, en voegde erkorts-
wijlend bij: »Dan zult ge u zeker daartoe weder bedienen van
benoodigheden, welke »uwe vrienden u om niet verschaffen?"
— »Zoo is 't," hernam de andere, »en ook dit raadsel zal ik
u oplossen. Van het houtzaagsel maak ik dezen inkt, van de
bladeren dit perkament, en dat het goed is, blijkt hieruit, dat
men van hetzelfde papier eertijds zelfs gebruik maakte voor belang-
rijke stukken en om er merkwaardige daden op te schrijven."
H. Witte.
('i Groote in 't kleine. Utrecht, Gebr. Van der Post.)