Boekgegevens
Titel: De landbouwdieren: een leesboekje voor de hoogste klasse der volksschool en voor het herhalingsonderwijs
Auteur: Kars, A.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn & Zoon, 1889
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5142
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205740
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: zoötechniek, veeteelt: algemeen
Trefwoord: Veeteelt, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De landbouwdieren: een leesboekje voor de hoogste klasse der volksschool en voor het herhalingsonderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
80
de wortels uit te graven, dan wel dra plantaardig voedsel
af te bijten Het mannelijk varken draagt den naam van
beer of ever, het vrouwelijk dier heet zeug of motte en het
jong bigge. Het vrouwelijk dier is op 1 jarigen leeftijd ge-
schikt tot voortteling. De draagtijd bedraagt gemiddeld 120
dagen en het aantal jongen soms wel 20. Soms brengt het
varken twee malen per jaar jongen voort en ook wel drie
maal in de twee jaren De jongen moeten zorgvuldig woi'den
verpleegd en dikwijls zelfs beschermd worden tegen de aan-
vallen der moeder. Het varken stamt af van het wilde
zwijn, dat vroeger ook in ons land voorkwam en thans nog
in Middel Europa in het wild wordt aangetroffen.
De varkens kan men tot 5 hoofdgroepen brengen en wel
tot de kroesborstelige, de kortoorige, de grootoorige, de Ro-
maansche en de Engelsche rassen. De kroesborstelige rassen
worden in Zuidelijk Europa aangetroffen en hel.iben een
smallen, langen kop; korte, spitse ooren; dicht kroes haar
en een romp van gemiddelde lengte. De kortoorige rassen
hebben kleine ooren, welke naar voren gericht zijn; een
korten, bi'eeden kop en een naar boven gerichten rug. Deze
rassen komen in Middel en Zuid-Europa voor. De groot-
oorige rassen hebben lange en breede ooren, welke tot over
de oogen hangen; lange pooten; geelachtig wit haar en
zijn volwassen bijna 1 Meter hoog. De vruchtbaarheid dezer
dieren is zeer groot en zij worden menigmaal van 400-500
KG. zwaar. Tot deze soort behooren de oud-Nederlandscho
varkens. De Romaansche rassen vindt men in Italië, Spanje,
Portugal en Zuid Frankrijk. Deze dieren zijn klein en
hebben een breeden rug, korten kop en korte beenen. Zelden
worden zij zwaarder dan 100 KG. Wat de Engelsche varkens
betreft, deze zijn veredelde grootoorige varkens. Men ge-
bruikte ter veredeling Portugeesche, Napelsche cn Indische