Boekgegevens
Titel: Kijkjes in de historie: voor de hoogste klasse en de bibliotheek der lagere school
Auteur: Bosman, J.M.H.
Uitgave: Meppel: H. ten Brink, 1894
2e herz. en gew. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2192
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205733
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kijkjes in de historie: voor de hoogste klasse en de bibliotheek der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
voet leven. Zij hebben niet één huis te hunner beschik-
king, maar dikwerf een dozijn, zoowel in de stad als op
het land. Elk dier paleizen is gemeubeld alsof de eigenaar
er voortdurend zijn verblijf hield, en tal van bedienden,
paarden, rijtuigen en honden zijn onafscheidelijk aan elke
woning verbonden, al wordt zij ook in jaren niet door My-
lord bezocht.
Dat dienstpersoneel van een hoog-adellijke familie is bij
dozijnen te tellen; het vormt een soort van regiment, waar-
in elk, van den generaal tot den soldaat, zijn rang in-
neemt. Voor elke bezigheid zijn afzonderlijke bedienden.
De stalknecht verricht geen huiswerk, de tuinman schilt
geen aardappel, de kindermeid wascht geen theekopje uit.
De jager, de boschwachter en de wilddrijver zijn afzonder-
lijke personen; de tuinbaas geeft zijn bevelen aan de tuin-
knechts, en dezen hebben de noodige arbeiders te hunner
beschikking. De jockey zorgt alleen voor de renpaarden,
de rijknecht voor de rijpaarden en de koetsier voor de
koetspaarden. Onder de huisbedienden heeft de kok zij;i
vaste plaats in de keuken, waar verscheiden helpers zijn
bevelen opvolgen. Het overige huispersoneel is onderschei-
den in kamerdienaars, pages, tafelbedienden en lakeien. Bij
deftige maaltijden staat achter eiken stoel een bediende
over wien door opzieners in uniform nauwlettend het oog
wordt gehouden. Yrouwelijk dienstpersoneel verschijnt nooit in
een aristocratische eet- of speelzaal; dit is te burgerlijk.
Niettemin overtreffen de vrouwelijke bedienden nog verre
de mannelijke in aantal. Mylady heeft haar kameniers,
kamerjuffers, strijksters en wat al niet meer, uitsluitend
tot haar dienst; de grootere freules hebben gelijke bedien-
den met nog een gouvernante bovendien; de kleinere kin-
deren worden verzorgd door boven- en onderkindermeiden,
voedsters en verpleegsters. In de zorg voor de tafel wordt