Boekgegevens
Titel: Dieren in hun omgeving
Deel: In ons land Insecteneters / door J.W. Boerman en K.M. Knip
Auteur: Boerman, J.W.; Knip, K.M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters' U.M, 1915 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2049
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205720
Onderwerp: Biologie: Vertebrata: algemeen
Trefwoord: Insecteneters, Gidsen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Dieren in hun omgeving
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
In bloemtuinen en kweekerijen, waar jonge plantjes op
de bedden staan uitgepoot, doet de mol precies hetzelfde
en ook daar moet hij worden verjaagd. Op bouwland,
waar meestal niet zoo teere planten groeien, kan het om-
woelen van den bodem minder kwaad, maar toch zijn er
talrijke voorbeelden van, dat op vlas- en bietenakkers door
mollen groote schade aan de kiemplanten werd berokkend.
Ten slotte kunnen ook de molshoopen last veroorzaken,
als ze in het grasland het maaien hinderen.
Natuurlijk staat hier wel wat tegenover. Veenmollen en
insectenlarven als engerling, ritnaald en emelt, zijn hoogst
schadelijk. Vooral engerlingen kunnen in den bodem soms
in reusachtige hoeveelheden optreden en dan is de hulp
van mollen in den strijd daartegen niet te ontberen. Dan
zijn mollen in hooge mate nuttig, of wel: het nut weegt
ruim tegen de schade op, en wie in zulke gevallen mollen
uitroeit, handelt dwaas. We kunnen begrijpen, hoe voor
eenigen tijd in de nieuwsbladen werd vermeld, dat op
graslanden, na het wegvangen der mollen, tal van plekken
ontstonden, waar de zode letterlijk los lag: de wortelvezels
waren alle door engerlingen doorgevreten!
Niet altijd is bij het vangen van mollen oordeelkundig
te werk gegaan. Vooral in den laatsten tijd is er een uit-
gebreide handel in mollevellen ontstaan, tengevolge der
toenemende gewoonte om de huidjes tot bont te verwerken.
Tal van mollenvangers zijn met spade, zak en een daartoe
afgericht hondje aan 't werk gegaan. Verlof van de boeren
om in hun landerijen de dieren te mogen vangen, werd
meestal gemakkelijk gekregen. Het bedrijf van mollen-
vanger werd vrij winstgevend, vooral daar de prijs der
huidjes voortdurend steeg, Het resultaat hiervan was, dat
onlangs — in 1914 — moest werden erkend, dat de
mollenstand in verschillende streken van ons land binnen
BOERMAN en KNIP, Insecteneters. 2