Boekgegevens
Titel: Dieren in hun omgeving
Deel: In ons land Insecteneters / door J.W. Boerman en K.M. Knip
Auteur: Boerman, J.W.; Knip, K.M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters' U.M, 1915 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2049
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205720
Onderwerp: Biologie: Vertebrata: algemeen
Trefwoord: Insecteneters, Gidsen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Dieren in hun omgeving
Vorige scan Volgende scanScanned page
n
gebruikt werden door één dier. Tevens bleek, hoe kort het
dier het zonder voedsel maar kan uithouden: na eenige
uren vasten sterven zij den hongerdood. Waren er twee
mollen bij elkaar opgesloten, dan volgde steeds een
gevecht, waarbij de overwonnene door den overwinnaar
werd verorberd.
Verwonderen kunnen deze uitkomsten ons niet, noch
de enorme voedselhoeveelheid — meestal neemt men aan,
dat een mol in 24 uren zijn eigen gewicht aan voedsel
noodig heeft —, noch het korte vasten, noch het dooden
en opeten van den eenen mol door den anderen. De zeer
zware arbeid toch, welke van het dier geëischt wordt wil
het aan den kost komen, brengt een zeer krachtige
stofwisseling mede, welke noodzakelijk groote massa's
voedsel vergt.
Bij de voedselkwestie sluit zich onmiddellijk aan de voor
den mensch zoo belangrijke vraag: is de mol nuttig of
schadelijk? Immers mollen zijn er overal in ons land, waar
de bodem niet al te droog en schraal is, in bouw- en
weilanden, vooral in uiterwaarden, in bloem- en moestuinen,
zelfs in stadstuintjes, in parken en plantsoenen. Moet het
dier daar uitgeroeid worden, kan zijn werkzaamheid ons
onverschillig laten, dan wel verdient het bescherming?
Gemakkelijk te beantwoorden is deze vraag niet en een
beslist antwoord in den een of anderen zin is niet te geven.
De boeren, de menschen van de practijk, hebben het over
het algemeen niet op mollen, terwijl de theoretici, zij, die
wat van dierkunde geleerd hebben, geneigd zijn den mol
in bescherming te nemen. Bekend is het verhaal van den
dorpsonderwijzer, die in zijn klasse veel goeds van dit dier
had verteld en zijn leerlingen had opgewekt om nooit
mollen te dooden, die trouwe helpers in onzen strijd tegen
schadelijk gedierte. Den volgenden dag werden hem in