Boekgegevens
Titel: Vraagstukken bij het onderwijs in het rekenen in de lagere school
Deel: Tweede stukje getallen van 1-100
Auteur: Bruin, D. de
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1890
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2344
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205711
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagstukken bij het onderwijs in het rekenen in de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
30
en aan den andei'en kant 5 meer. Hoeveel stonden er aan beide
kanten ?
23. Hoeveel wieken zijn er aan 19 molens?
24. Dorus kreeg het derde deel van 66 noten, Piet ki-eeg er
het zesde deel van. Hoeveel noten kreeg Dorus meer dan Piet?
25. Iemand wandelt eiken dag 2 uur. Hoeveel uur wandelt
hij dan in 7 weken?
26. Jan is 18 jaar oud. Piet is 9 jaar ouder. Hoeveel jaren
zijn die beide jongens samen oud?
27. Eene juffrouw kocht 2 M. katoen en 1 M. linnen, te zamen
juist voor een gulden. Het linnen kostte 40 cent per meter.
Hoeveel cent kostte 1 M. katoen ?
28. Een winkelier schepte uit een vat 6 keer 12 L. petroleum
en toen was er nog 18 L. in. Hoeveel' liter was er eerst in
het vat?
29. Een bloemist verkocht 2 witte rozen voor 20 cent het
stuk en 3 roode i-ozen voor 3 stuiver het stuk. Hoeveel cent
ontving hij voor die bloemen?
30. Gerhard, Jan en Frits verdeelen 72 appels. Gerhard krijgt
er de helft en Jan het derde deel van. Frits krijgt de overige.
Hoeveel appels krijgt Frits er van ?
31. Mietje kocht twee pond witte suiker van 7 stuiver het
pond en ook een pond bruine. Zij moest juist een gulden be-
talen. Hoe duur was de bruine suiker?
32. Eene boei'in had 5 stijg eieren. Zij verkocht er 5 dozijn
van. Hoeveel eieren had zij toen nog?
33. Als 4 even dure boekjes 3 kwartjes en een stuiver kosten,
hoeveel cent kost dan elk boekje?
34. In een huis waren 8 ramen en in elk raam 6 ruiten.
Elke ruit kostte 2 gulden. Hoeveel gulden kostten al die ruiten?
35. Hoeveel weken zijn er in een half jaar meer dan in een
viereljaar?
36. Als een half dozijn potlooden een halven gulden kost,
hoeveel gulden kosten dan 72 zulke potlooden?