Boekgegevens
Titel: Vraagstukken bij het onderwijs in het rekenen in de lagere school
Deel: Tweede stukje getallen van 1-100
Auteur: Bruin, D. de
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1890
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2344
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205711
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagstukken bij het onderwijs in het rekenen in de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
20 •
5. Van een stuk linnen, dat 45 M. lang is, wordt 26 M.
afgeknipt. Hoe lang is 't overblijvende ?
6. Frits heeft een kwartje en een stuiver, Willem een dub-
beltje en 8 centen. Hoeveel cent heeft Frits meer dan Willem?
7. Een vleeschhouwer koopt 2 schapen. Voor elk' schaap
moet hij 18 gulden betalen. Hoeveel gulden moet hij voor de
beide schapen betalen?
8. Hoeveel uren verloopen er in 2 dagen?
9. Hoeveel gulden moet men betalen voor 17 kippen, als
elke kip 2 gulden kost?
10. Een heer koopt 25 sigaren van 2 cent het stuk. Hoe-
veel cent moet hij daarvoor betalen ?
11. Negentien paar schoenen, hoeveel schoenen zijn dat?
12. Hoeveel moet men betalen voor 2 pond kaas, als het pond
23 cent kost?
13. Gerrit en Jan hebben ieder een dubbeltje en 9 centen.
Hoeveel cent bezitten zij te zamen?
14. Hoeveel halve centen is evenveel als 22 centen?
15. Grietje kocht voor 3 stuiver appelen. Zij kreeg er 2 voor
een cent en 4 op den koop toe. Hoeveel appelen ontving zij toen ?
16. Twee jongens moeten 2 dubbeltjes en 12 centen gelijk
verdeelen. Hoeveel cent krijgt ieder?
17. Twee gelijke boekjes zijn samen 48 bladzijden groot. Hoe-
veel bladzijden bevat elk boekje?
18. Hoeveel centen is evenveel als 36 halve centen?
19. Aan eiken kant van een weg staan evenveel boomen. Aan
beide kanten staan er samen 46. Hoeveel staan er aan eiken
kant?
20. Als 2 gelijke boekjes samen 7 stuiver en 3 cent kosten,
hoeveel cent kost dan ieder boekje?
21. Een schoenmaker moet voor eiken jongen van eene kost-
school een paar schoenen poetsen. In 't geheel poetst hij er 42.
Van hoeveel jongens zijn die schoenen?
22. Hoeveel knoopen zijn 3 dozijn knoopen?