Boekgegevens
Titel: Vraagstukken bij het onderwijs in het rekenen in de lagere school
Deel: Tweede stukje getallen van 1-100
Auteur: Bruin, D. de
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1890
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2344
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205711
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagstukken bij het onderwijs in het rekenen in de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
8
16. Eene juffrouw kocht 4 eieren voor 3 cent het stuk. Latei-
kocht zij 3 eieren voor 4 cent het stuk. Hoeveel moest zij den
eersten keer meer betalen dan den tweeden keer?
17. Wat hebt gij liever: 2 stuivers of 5 keer 2 centen? Wat
is meer: 3 stuivers of 5 keer 3 centen?
18. Een heer kocht 5 sigaren van 4 cent het stuk. Hij
betaalde 2 dubbeltjes. Hoeveel cent moest hij toen terugont-
vangen ?
19. Eene fruitvrouw verkocht 7 mooie appels voor 2 cent het
stuk en een sinaasappel voor een stuiver. Hoeveel cent ontving
zij daarvoor?
20. Hoeveel wieken zijn er aan 4 molens?
1. Eene vrouw had 18 eieren. Zij verkocht er de helft van.
Hoeveel eieren had zij toen nog?
2. Hoeveel halve centen is evenveel als 8 centen?
3. Hoeveel centen is evenveel als 14 halve centen?
4. Jan en Piet moeten 18 noten gelijk verdeelen. Hoeveel
noten krijgt ieder er dan van?
5. Miena at de helft van hare kersen op en toen had zij er
nog 9. Hoeveel had zij er eerst?
6. Als Cornelis eiken dag 2 centen spaart, na hoeveel dagen
heeft hij dan 2 dubbeltjes gespaard?
7. Jan heeft 6 knikkers. Hein heeft er 3 maal zooveel.
Hoeveel heeft Hein er meer dan Jan ?
8. Piet is 12 jaar oud. Hendrik is half zoo oud als Piet.
Gerrit is 4 jaar ouder dan Hendrik. Hoe oud is Gerrit?
9. Mietje betaalde voor 2 even dure boekjes 3 stuiver en
1 cent. Hoe duur was elk boekje?
10. Een arbeider verdient in eene week 12 gulden. Hoeveel
gulden verdient hij in 3 dagen?
11. Hoeveel kippen hebben samen 16 pooten?