Boekgegevens
Titel: Aardrijkskunde van Nederland
Deel: 3e leerboekje Aardrijkskunde van Nederland voor H.B.S., Gymnasia, enz
Auteur: Beekman, A.A.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1891
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1253
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205686
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aardrijkskunde van Nederland
Vorige scan Volgende scanScanned page
98
zuidgre;is van Drante ; liet D r o s t e n d i e p en liet L o o d i e
welker water langs het Koevorden-Veehtkanaal, de kleine Vecht
enz. naar de Vesht gaat boven Gramsbergen.
Bij Meppel komen samen : . j Heest (op de grens van Drente
ei Overijsel, de Oude Smildevaart, hoogcrop Dwingeler-
en B e i 1 e r s t r 0 o m geheeten , en nog een paar kleinere rivier-
tjes , al welk water op het Meppelerdiep komt.
De 8 t e e n w ij k e r A , uit 2 riviertjes ontdaande en bij Steen-
wijk door eene sluis op het Steen wij kerdiep loozend.
Het grint en zand van de Drentsche hoogvlakte en grootendeels-
ook het aangrenzend hoogveen is met heide bedekt; hier en daar
vindt men z mdstuivinfjen, vooral aan de westzijde der heuvels
{waarom hier hel meest ?).
Hout vindt men op dit diluvium zeer weinig, hoewel er vroeger
zeker veel was, getuige namen als Westerwolde, Zevenwolden, enz-
In Drente heeft de schapenteelt o. a. het vormen van bosch zeer
tegengewerkt, want de schapen eten de jonge spruiten op en de boe-
ren willea geen heide missen. Het meeste hout is er akkermaals-
hout, struikgewas, meest eiken , dat nu en dan geveld wordt r
de schors wordt er dan afgeklopt en als run of eek gebruikt in;
de leerlooierijen en het hout als talhout (om te branden)
bijeengebonden. Op het zand in Friesland vindt men hier en daar
bosschen, o. a. het Oranjewoud bij Heerenveen, de bosschen bij.
Wolvega , Beetsterzwaag, Veenwouden, enz.
Nog meer dan de helft van Drente's bodem is ivoest: heide
zandstuivingen en nog niet tot turf vergraven hoogveen.
De menigte keien worden hier veel g e r o o d (gedolven) en tot
stukjes geklopt voor aanleg en onderhoud van wegen, üit de
grootste (er liggen er verbazend groote) heeft een oud volk vóór
onze jaartelling door opeenstapeling H u n e b e d d e n gebouwd r
die eenmaal tot begraafplaatsen dienden en oorspronkelijk met
grond gedekt waren Behalve urnen , de asch van verbrande lijken
bevattend, vond men er dikwijls werktuigen en wapenen in uit
het „steenen tijdperk." Er liggen er in Drente nog zeer veel;,
in Gaasterland en Utrecht elk één. Het grootste Hunebed ligt bij
Borger; het minst geschondene bij Tinaarloo.
De boer steekt van de heide zoden of -plaggen, om die in de-
schaapskooien te brengen en daarna als mest te gebruiken; van
de heideplant maakt men bezems. De heide strekt ook tot voedsel