Boekgegevens
Titel: Aardrijkskunde van Nederland
Deel: 3e leerboekje Aardrijkskunde van Nederland voor H.B.S., Gymnasia, enz
Auteur: Beekman, A.A.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1891
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1253
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205686
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aardrijkskunde van Nederland
Vorige scan Volgende scanScanned page
78
dat liier Jiooger ligt dan het water in de boezems , toch niet onder
Avater kan komen. Dat men hier toeli afscheiding in polders heeft
gemaakt, is een gevolg van de eischen van den landbouw , die
hier in de slooten , dus ook in den bodem , liet water zeer laag
beneden de oppervlakte verlangt. De polders worden dus bijna alle
met stoomtuigen ;0f windmolens bemalen en daarom in Groningen
gewoonlijk molenpolders of m o 1 e n k o 1 o n i ë n geheeten.
Zij brengen hun overtollig water op eenige groote boezems,
gevormd door kanalen of de benedengedeelten van een paar af-
gesloten rivieren. Eenige Dollartpolders , de meeste Wadpolders y-
enz. wateren rechtstreeks op zee af.
De voornaamste wateren van Groningen zijn grootendeels de
zeer vergraven , verlegde en gesloten benedengedeelten van de uit
het hoogere Drente afvloeiende riviertjes: De W e s t e r w o 1 d-
sche Aj raet den weleer ook natuurlijken zijtak de Pekel A,
door eene sluis loozend op de Buiten-A die door de Dollartslikken
gaat, de H u n z e—S c li u i t e n d i e p—R e i t d i e p , welks be-
nedendeel is afgesloten tusschen den dam met sluis te Zoutkamp
en den dam met sluis bij Wetsinge ; het II o o r n s c h e Diep, het
benedendeel van de Drentsche A , gekanaliseerd ten behoeve van het
laagste pand van het X.-W i 11 e m s k a n a a 1, dat in 't midden
dezer eeuw tusschen Assen en Groningen gegraven werd; het
het water van de linnze en het lloornsche Diep gaat langs het Eems-
kanaal en komt door eene sluis te Delfzijl op de Eems. Het
A d u a r d e r d i e p is de gegraven benedenloop van de tot
Koningsdiep vereenigde Peizer- en Eelderdiepen, afwaterend
op het afgesloten deel van het Reitdiep. Ook een deel van het
Damsterdiep is een oude rivier, „de Delf"; evenals het
"W i n s u m e r z ij 1 d i e p en voor een klein gedeelte het nu
nagenoeg geheel kunstmatige T e r m u n t e r z ij 1 d i e p.
Het H O e n d i e p werd in 1022 gegraven ter verbinding van
Friesland met de stad Groningen, — Het "W i n s c h o t e r d i e p
is ontstaan door de doortrekking van het benedendeel der Hunze
of het Schuitendiep oostwaarts op, ter verbinding der stad met de
liooge venen, toen men deze in de 17e eeuw ging ontginnen.
Zie dus bij de Veenkoloniën , Hoofdstuk VI. Het Boter diep,,
van Groningen naar Onderdendam, is grootendeels gegraven eii
verbonden met het Damsterdiep.
Het Groot Scheepvaartkanaal, gewoonlijk Eems-