Boekgegevens
Titel: Aardrijkskunde van Nederland
Deel: 3e leerboekje Aardrijkskunde van Nederland voor H.B.S., Gymnasia, enz
Auteur: Beekman, A.A.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1891
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1253
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205686
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aardrijkskunde van Nederland
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
Hebben de polders 's zomers na lange droogte watergebrek,
dan laat men er water in uit den boezem , die zoo noodig uit het
buitenwater wordt aangevuld.
Tussehen de kaden langs den boezem en dezen zeiven liggen
hier en daar smalle strooken land , v 1 i e t 1 a n d e n geheeten.
Aan de grenzen van het ])oldeiland, nl. op en aan de iets hoo-
gere geestgronden, bij Utrecht, Naarden, erz., liggen gronden die
niet ingepolderd zijn , maar daar zij hooger dan het water in de
boezems liggen, hun overtollig water op deze op natuurlijke wijze
laten afvloeien. Zulke gronden noemt men b o e z e m 1 a n d.
Al het land dat op een boezem afwatert vormt van dezen het
1) o e z e m g e b i (ï d. In het Iloliandsch-rtreehtsclie polderland zijn
een groot aantal boezemgebieden.
Het grootste van deze behoort tot den boezem van Rijnland.
(Zie EKN BOKZKMGKiiiED IX Hoi.LAxn, lu.D 6), bcstaaude uit den
Ouden Rijn van Ritdegraven tot Katwijk, de (iouwe , de Aar, de
Drecht, de ringvaart van de ilaarlennnermeer, het Spaarne , enz.
Hij wordt op 4 punten zoo noodig met behulp van stoomgemalen
afgetapt: te Gouda op den Holl. TJsel, te Katwijk op de Noord-
zee , te Spaarndam en te Halfweg (tp den boezem van het Noord-
zeekanaal , die op zijn beurt op de Noordzee en de Zuiderzee kan
loozen.
Op bld O is voorgesteld Ekx gedeelte van uet Holl. polder-
land, nl. het Z. W deel van Rijnlands boezemgebied en een
klein deel van dat van Delfland. T. O van den Vliet liggen de
polders aaneen, veelal gescheiden door een deel van den boezem,
s(nns ook door een strook vlietland. Elke oude polder of droog-
makerij heeft zijn windmolen of stoomtuig , uitslaande op een tak
van den boezem. T. W. van den Vliet ligt veel boezemland naast
cn tusschen de polders.
Een goed overzicht met één oogopslag van de betr. hoogtelig-
ging van het oude land , de droogmakerijen , boezems , enz., on-
derling en t O. van het buitenwater, geeft de Doorsnede van
AVest naar Oost o. n. Holl. Toldeiland , bld 9. Eene Door-
snede over Rolders , enz. op grootere schaal vindt men op ijld 6.
De voormalige rivieren zijn nn bakken geworden met Msta'md
water, evenals de kanalen : zij zijn dus geen rivieren meer
In de lage N. en W. helft des lands, die nagenoeg
geheel polderland is, zooals wij zien zullen, zijn geen riwie-