Boekgegevens
Titel: Aardrijkskunde van Nederland
Deel: 3e leerboekje Aardrijkskunde van Nederland voor H.B.S., Gymnasia, enz
Auteur: Beekman, A.A.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1891
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1253
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205686
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aardrijkskunde van Nederland
Vorige scan Volgende scanScanned page
23
Tc Delfzijl (GóDO) komen 'sjaars 400 a 450 schepen aan,
voor (Ie lielft bestemd voor de stad (ironingen, die voor zeeschepen
te bereiken is langs liet li e m s k a n a a 1. J3e zeevaart ia grooten-
deels op de Oostzee. Invoer vooral van Noorsch hout; houthandel
en houtzaagmolens ; aanvoer van zeevisch. — Ook te T e r m u n-
t e r z ij 1 komen nu en dan zeilschepen met Noorsch hout binnen.
De kust voor de visscherij. De bevolking onzer Noord-
zeekust heeft reeds lang visscherij op de Noordzee uitgeoefend
met zeer ondiep gaande scheepjes , bom schepen, zooals men
er vaak te Scheveningen en elders ziet liggen, en booten;
met de/e kan men door de branding heen het strand bereiken.
Daardoor zijn een aantal dorpen ontstaan op den buitensten
duinrand en in het duin, zoodat zij tegen de zee beveiligd zijn.
De grootste visschersplaats is S c h e v e n i n g e n n-.et 200
schepen; voorts Katwijk aan Zee (75'sch.) en Noord wijk;
alleen deze drie aan de Noordzee gaan ter haringvangst.
Ook nog Egmond aan Zee (l'rinsllendrik stichting voor
oude zeelieden) en Z a n d v o o r t.
IJ m u i d e n , ontstaan bij de sluizen van het Noordzeekanaal
is de eenige plaats van deze kust die een haven voor visschers-
A-aartuigen geeft; van daar in bloei toenemende visscherij en
vischmarkt. Beambten voor loodswezen en bediening der sluizen.
Eenige dorpen hebben s c h e 1 p v i s s c li e r ij als Petten,
W ij k aan Zee en T e r h e i d e n.
Ook binnengaats gelegen plaatsen visschen op de Noordzee en
kunnen dit dan met grootere schej)en doen (logger s). Die ter
haringvangst varen gaan bijna alle uit van V laar ding en en
Maassluis, deels toebehoorend aan Scheveningsche reeders.
Voorts visschen op de Noordzee, Middelharnis, Pernis, Zwarte-
waal en Ilellevoetsluis.
Eenige plaatsen op de Zuid IIoll. en Zeeuwsche eilanden visschen
op de zeeboezems vooral Bruinisse, Tolen, Stellen-
dam, enz.
[n de Zuiderzee en op de Wadden wordt ook gevischt, vooral op
de slechte Zuiderzee-haring, die tot bokking gerookt wordt, op
ansjovis , enz., door U r k (265 sch.) , V o 1 e n d a m bij Edani
(2;{0 sch.). Texel, W i e r i n g e n en E n k h u i z e n , die ook op
de Noordzee visschen ; voorts door Marken (180 sch.), Huizen^
Bunschoten, Harde r w ij k , V o 11 e n h o v e , enz.