Boekgegevens
Titel: Aardrijkskunde van Nederland
Deel: 3e leerboekje Aardrijkskunde van Nederland voor H.B.S., Gymnasia, enz
Auteur: Beekman, A.A.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1891
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1253
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205686
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aardrijkskunde van Nederland
Vorige scan Volgende scanScanned page
HOOFDSTUK IX.
Nederland als geheel en met betrekking tot het
buitenland.
Slaan wij nu nog eens een blik op ons geheele vaderland.
Wij mogen dan gerust besluiten , dat landbouw en veeteelt
hoofdmiddelen van bestaan zijn , al hebben wij gezien , dat er in
de verscdiillende gewesten ook groot verschil bestaat in de voort-
brengende kracht van den bodem. Voor geheel Nederland is de
bodem naar zijn gebruik aldus verdeeld :
O U
S §
«C P
c
V s
a> ©
r^ >
« 3
~ r
O
3 S
3
O
ja
^ c
O -ir
rs -
'Ei
a
V c
O
z "3
«5
>
S
O .
. ^

g-S
ja
«
w
'o
H
711093 135302 44357 'J1E>j4 3US3Ü SGOÖDS ■ 113r)000 ^ 278:),") 1 242.")7 220!>28 3204:j;"i7
21.0 4.1 iA 2.8 1.1 2Ö.1 i m.'i \ 0.8 ü.7 G.0 100
Hierbij verdient opmerking, dat de woeste grond sedert een
halve eeuw zeer vermindert (in 18.'Ï3 nog 90G5()7 H.A.), den
laatsten tijd door sterken aanplant van bosch. Volgens de Ned.
Heidemaatschappij zouden er in 1890 slechts 600^00 H.A. woeste
grond, daarentegen 210000 H.A. bosch zijn.
Eene omstandigheid, waarnaar men o. a. in 't algemeen den
toestand van den landbouw en dus de welvaart van een groot deel
der bevolking kan afmeten, is de verhouding tusschen het aantal
eigenaars en het aantal pachters welke zelf den grond bebouwen^
Hoe meer eigenaars-landbouwers hoe gunstiger de toestand. Terwijl
O *